Printversie

Algemeen  >  De Seizoenstafel  >  De Lente

De seizoenstafel in de Lente

Hoewel in het vroege voorjaar de natuur nog is rust lijkt is er onder het aardoppervlak al veel in beweging! Het eerste teken van al deze activiteit is voor ons pas zichtbaar wanneer de krokussen en narcissen voorzichtig aan de oppervlakte komen.
Om dit tot uitdrukking te laten komen op de Seizoenstafel kun je Moeder Aarde en een aantal wortelkindjes maken, op een donkerbruine ondergrond (de aarde).

Hiermee beeld je het verhaal uit waarin Moeder Aarde in de lente de wortelkindertjes wekt en ze aanspoort aan het werk te gaan, er moeten immers nieuwe kleertje worden gemaakt (voor de overgang van wortelkindje naar bloemenkindje).



Wanneer de lente eenmaal echt op gang is gekomen kan dit kracht worden bijgezet door een Lentefee (gemaakt van zijde, om haar vluchtige/etherisch karakter weer te geven)ten tonele te laten komen. De kleuren veranderen, van het roestbruine naar de frisse groene en gele tinten, en natuurlijk de bloesem-kleur bij uitstek: roze-rood. Gebruik ook eens een aantal mooie bloesemtakken bij de Seizoenstafel, in afwisseling op de paastakken.

Bloemkindjes van kamband

bloemkind
Een heel simpel popje dat eenvoudig samen met kinderen kan worden gemaakt.

Materialen

  • 15 cm kamband (schone, gekaarde wol, wordt verkocht in een lange strook)
  • een klein restje vilt van 6 bij 12 cm (eventueel nog voor kraag/hoed extra)
  • borduurgaren

Zoek het midden van het stukje kamband op en maak daar een knoop in, dit wordt het gezichtje. Zoek de mooiste kant uit voor de voorkant.

De mantel maak je door de strook vilt in de lengterichting aan het kamband te rijgen, aantrekken en goed langs de hals aan laten sluiten.

Maak als laatste een bloemenhoed; van een strookje vilt knip je 'blaadjes' naar eigen inzicht of voorbeeld uit de natuur.
Deze rijgen en rimpelen, je hebt nu de keuze het te gebruiken als kraag om de mantel of er een bloemhoed van te maken.
Hiervoor van een klein stukje vilt, dat je dubbelvouwt, een steeltje maken en dit aan de blaadjes vastzetten met borduurzijde.


Bloemenkind van vilt met boterbloem

Materialen

  • wol om te vullen
  • lapje ondertricot van 10 bij 10 cm
  • lapje roze poppentricot van 6 bij 12 cm, en een klein restje voor de handjes
  • pijperager
  • 2 lapjes vilt in groen of in de kleur van de bloem, 12 bij 5,5 cm en 9 bij 5 cm
  • wol voor de haartjes

Van de ondertricot maak je een hoofdje (met ooglijn) van 7 cm (zie voor aanwijzingen over het maken van een hoofdje het poppenhuispopje)
Knip het bovenstukje van het jurkje volgens patroon en naai de mouwnaadjes dicht.
De roknaad middenachter dichtmaken en aan de bovenkant inrimpelen.
Nu het bovenstukje aan de rok vastnaaien met kleine steekjes.

Vouw de pijperager aan beide kanten een stukje in, zodat het armstuk 10 cm lang is.
Om de pijperager nu wat vulwol wikkelen, de handjes volgens patroon knippen, naaien en omkeren.
Schuif ze over de uiteinden van de pijperager en zet ze om de polsjes vast.
Nu steek je het halsje in de halsopening, en de armen hier achterlangs door de mouwen.

Naai het jurkje dicht, en zet het eventueel vast bij de polsen en hals. Het rokje nu zo opvullen met wol dat het bloemenkindje kan blijven staan.
Maak met wat wol haartjes (zie ook poppenhuispopje) en kleur het gezichtje.

De boterbloem

Materiaal

  • twee groene pijperagers
  • twee lapjes vilt in 2 tinten geel; 1 keer 2,5 bij 8 cm en een keer 2,5 bij 12 cm
  • groen vilt

Het gele vilt voorzichtig aan de lange kant inknippen, met knipjes van 1 mm naast elkaar.
Rol de strook eerst om de bovenkant van de pijperager, vastzetten met een klein beetje lijm of een paar steekjes.
Rol dan de andere strook eromheen en zet deze ook vast.
Van het groene vilt de bloembodem onder de gele blaadjes maken, en een blad knippen, gebruik hiervoor bij voorkeur als voorbeeld een echt paardebloemblad.
Naai de andere pijperager als nerf op het blad en buig deze zodat de pijperager aan de achterkant komt.
Bloemsteel en blad worden aan de onderkant tegen elkaar gezet en dan kan de bloem in de handjes van het bloemenkind worden vastgezet.


Ga terug