Printversie

Algemeen  >  De Vrije School  >  Jaarfeesten  >  Michaël

Het feest van Michaël

Waarom vieren we dit feest?

Het is zo'n 70 jaar geleden dat er weer een nieuwe impuls kwam om dit feest te vieren; voor de "doorsnee" Nederlander is het echter een onbekend feest.

Vroeger en nu

Lange tijd is de mensheid gevoed en geleid door geestelijke beelden, door godsdienst, kunst en wetenschap, die vroeger nog één geheel vormden.

Je zou kunnen zeggen dat de mens vroeger is opgevoed met beelden van geestelijke realiteiten. In die tijd was het feest van Michaël een vanzelfsprekend feest.

Ridder te paard

Michaël die de draak bestrijdt is een voorstelling die talloze malen is uitgebeeld, vooral op Ikonen. Soms is hij afgebeeld als engel, soms ziet hij eruit als een ridder te paard. In het laaste geval wordt gesproken over St. Joris, die de draak verslaat. Georgius heete hij, en hij was een martelaar uit de 3e eeuw.

De draak van Michaël vinden we terug in de openbaring van Johannes (de Apocalypse).

Daar wordt gesproken over een vuurrode draak met 7 koppen, 10 horens en op elke kop een diadeem. In dat diadeem staat dan: "Toen brak er in de hemel oorlog uit". Michaël en zijn engelen moesten strijden tegen de draak. De draak streed.

Hij werd neergeworpen op de aarde, waar hij als vijand van de mensen optreedt en als verleider. Toch worden er meer legenden verteld over Michaël en de draak dan er geschreven is in de Bijbel.

Liedje en Kringspel: De boze Spin

Daar was eens een elfje gevangen
door een boze venijnige spin.
Nu keek ze achter spinrag-stangen
treurig en vol verlangen
de zonnige wereld in

Maar een dapper klein dwergje
had alles van het elfje gehoord.
Hij sprong in een wip uit z'n huisje
met een ijzeren zwaard in zijn vuistje.
Zo gezwind als de wind ging hij voort

Hij liep over duinen en dalen
naar 't elfje in 't donkere bos
en de spin trachtte hem te verjagen
maar de dwerg heeft hem dapper verslagen
en toen was het elfje verlost.


De kinderen spelen dit spel als invulling en beleving van de legende. Voor een kleuter is het verslaan van de spin beeldender dan het verhaal van Michaël en de Draak. Het kan voor een schuchter kind heel bevrijdend zijn om ook eens de venijnige spin te zijn.

Innerlijke bron

Michaëlfeest is aan het begin van de herfst. De natuur groeit en neemt langzaam in pracht af, het verstilt en sterft af. Het wordt kil.

Het hele leven kan soms ook een moment van verkilling hebben. Maar juist dan kunnen we hulp verwachten van hoger hand. Wij moeten ons niet verliezen in het uiterlijk, het is juist wanneer wij op zoek gaan naar de innerlijke bron dat wij de zullen merken dat Michaël ons kan helpen.

We moeten de moeilijke dingen niet uit de weg gaan, maar juist tegemoet treden, verslaan.Ook die draak is in onszelf. Deze draak weerhoudt de mens ervan een werkelijk geestelijk wezen te zijn. Hij wil de ziel van de mens verdoffen, de geest mechaniseren en het lichaam verdierlijken.




Geestelijke verbinding

Michaël is géén verzinsel maar een geestelijk wezen. Hij wil dat de mens die geestelijke verbinding behoudt. Michaël dwingt niet, hij wijst slechts de weg. Hij kan dienen als inspiratiebron.

Het feest van Michaël is het feest van de moed, van innerlijk wakker zijn. Alleen dan kun je werkelijk in staat zijn de gluipende macht van de draak te onderkennen én te overwinnen.



Michaëlsbrood
500 gram Lemairemeel, bloem of een mengsel van volkorenmeel en bloem (ca 1:3)
2 1/2 dl lauwwarme melk
1/2 eetlepel gist
50 gram harde boter
2 eetlepels honing
krap 1/2 eetlepel zout
1 ei

Meng het meel in een beslagkom en maak een kuiltje in het midden (houd een paar eetlepels meel achter om er straks het deeg mee te kneden). Los de gist op in de melk en de honing, giet dit in het kuiltje en roer het van het midden uit met wat meel tot een slap deegje. Snijd de boter in zeer dunne schijfjes en leg deze op het deegje. Strooi het zout op de boter. Laat dit ongeveer een kwartiertje staan tot zich blaasjes hebben gevormd. Tijdens het gisten komt warmte vrij en wordt de boter zacht. Voeg een gedeelte van het (met een eetlepel water) losgeklopte ei toe. Roer nu alles met een vork van het midden uit tot een stevig, maar nog kleverig deeg. Strooi het achtergehouden meel op het aanrecht, schep het deeg erop een kneed alles tot een elastisch deeg, dat niet meer aan de handen plakt. Doe de deegbal terug in de kom, stop het geheel in een plastic zak en laat het deeg op kamertemperatuur tot tweemaal het volume rijzen. Of laat het in de koelkast rijzen (tenminste 4 uur of een niet te lange nacht), het is dan veel makkelijker te vormen. Houd van het gerezen deeg ca 150 gram apart. Maak van de rest van het deeg een ronde bal en druk die plat.
Rol de platte bol op een met meel bestrooid aanrecht uit tot een ronde schijf van ca 25 cm doorsnee en leg deze deegschijf op een bakplaat. Modelleer de deegschijf zodanig, dat het binnenste dunner en de rand dikker wordt (zie tekening).

Verdeel het achtergehouden deeg in drie porties en rol ze tot slangen, die aan het ene uiteinde dubbel zo dik zijn als aan het andere. Vlecht deze deegslangen tot een zwaard. Bestrijk het brood met de rest van het ei, leg het deegzwaard erop en bestrijk ook dit met ei. Laat het MichaŽlsbrood nog wat rijzen en bestrijk het nog een keer met ei.
Bakken: 15 minuten bij 250 graden, middelste richel, daarna nog ca 10 minuten bij 200 graden.

Leestip

Een heel fijn boek om te lezen is "Frederick" van Leo Lionni (vertaald door Harriët Laurey). Het verhaal gaat over een muizenfamilie die voor de komende winter koren, noten, tarwe, stro enz. verzamelt. Behalve Frederick.

Hij verzamelt geen tastbare dingen, maar wel iets anders dat ook héél waardevol en wezenlijk is, hij verzamelt zonnestralen, kleuren en woorden. De andere muizen vinden het maar vreemd.

Tot Frederick hen kan opvrolijken na een lange winter met zijn zonnestralen, kleuren en woorden.

Ga terug